Maandelijks archief: november 2013

Griepjes genezen zonder Divinity en mét lieftallige kleine monstertjes

Ik herinner me nog de tijd dat grieperig zijn gelijk stond met een weekendje cocoonen op de bank, de televisie verankerd op Divinity, terwijl  de echtgenoot bezorgd heen-en weer draafde met schone zakdoeken en mokken warme thee en soep.  Maar dat was vroeger. Vóór ik een lieftallig tijd- en aandachtopslorpend monstertje op de wereld zette. Een lieftallig klein monstertje dat niets begrijpt van een kop-vol-watten en een neus-vol-snot  en zeker niet van plan is de exploratie van de wereld ‘Huis’ twee dagen stop te zetten omdat mama zich een beetje pips voelt. En de echtgenoot moest dringend de auto repareren en had geen tijd noch voor mokken thee, noch voor lieftallige wereldexplorerende monstertjes.   En dus zat ik niet op de bank voor de televisie, maar op de grond, in een poging het monstertje ervan te overtuigen dat hondenbrokken NIET in zijn mondje horen zonder daarbij al teveel van mijn snot op zijn hoofdje te laten druipen.  Of ik peuterde draden van lampen allerlei uit zijn knuistjes, liet hem op- en neerspringen en heen- en weerzwieren, hielp hem speeltjes in en uit een tas laden en stond hem bij in zijn sessies ‘creatief met groente en fruit’, met tranende ogen en kloppende slapen. Voelde ik een niesbui aankomen dan liep ik de kamer uit en natte zakdoeken probeerde ik angstvallig uit de buurt van zijn grijpgrage handjes te houden. Om het besmettingsgevaar tot een minimum te beperken en de slaap van het lieftallige monstertje niet te onderbreken met gekuch en gesnuit, bracht ik de nacht door in de huiskamer op een opblaasbed. Leek ons als kersverse ouders een goed idee. Dat ik de rest van de dag al op ons monsterje had lopen druipen, dat vergaten we even. Resultaat: het monstertje kon niet slapen zonder de geruststellende aanwezigheid van zijn mama, papa kon niet slapen want moest het monstertje troosten en mama kon niet slapen want hoorde het monstertje huilen maar had slaapkamerverbod.  Estrellita lag ondertussen luidruchtig te ronken op het dubbele opblaasbed. At least someone’s happy…

Wat hebben we hieruit geleerd? Griepjes genezen ook zonder Divinity. Lieftallige kleine monstertjes houden ook van een snotterige  mama-met-rode-neus. Mokken thee kan je ook zelf maken. En kersverse ouders hebben flutideeën.

Advertenties
Getagged , , , ,

Opgepast, post met vieze woorden (zoals ecologie)

Ze hebben de verwarming opgezet op kantoor. Buiten is het een graad of 14 en binnen zitten we rond de 28 in een Caribisch micro-klimaat. De gulden midden-weg, daar doen we hier niet aan mee. In de zomer wordt de airco op dieprvriestemperatuur gezet en in de winter doen we hier een geslaagde Death Valley-impressie. De wereld op zijn kop. In juli brengt iedereen jasjes en  sjaaltjes mee om niet met een dubbele longontsteking naar huis te moeten en vanaf november pellen we elke morgen laagjes kleding uit tot we in dunne topjes achter onze tafel zitten. Hoezo energieverspilling? Dat hoort toch zo? En wie het te warm heeft zet gewoon het raam wagenwijd open. Ecologie, dat is hier een vies woord. In de keuken gisteren nog een discussie over het nut van afvalsorteren: volgens de Spaanse delegatie is sorteren gewoon een andere vorm van zakkenvullerij. Een paar mannen aan de top die rijk worden van onze belastingscenten. Diezelfde mannen die ook rijk worden van onze aankoop van plastic petflessen. Zal wel een kern van waarheid inzitten maar de milieubewuste Belg in mij kan het toch niet aanzien hoe al die petflessen bij het restafval terechtkomen. ‘Ik heb op mijn appartement geen plaats om te sorteren’, was het volgende excuus. Dat wij indertijd op ons Antwerpse kot een halve muur vol hadden staan met verschillende soorten afvalzakken die we dan ook nog eens duur betaalden, daar hadden ze geen boodschap aan. ‘Want we zitten hier niet in België’. Dat heb ik gemerkt, ja, in België gaan we in november niet in bikini naar kantoor…

Een foto van mij afgelopen winter op kantoor...

Een foto van mij afgelopen winter op kantoor…

 

Getagged , , , ,

Kutweer

rain

Het weer hier is een verhaal apart. Bruuske veranderingen van de ene dag op de andere. Van veel te heet naar veel te koud en van kurkdroog naar zeiknat, op een paar uur of zelfs een paar minuten tijd.

 Vooral aan het begin en einde van de seizoenen wil het weer nog wel eens onvoorspelbaar zijn. Vrijdag liep ik nog met blote benen en armen in het zonnetje op te scheppen over het Barcelonese klimaat en zaterdag begon de regen met bakken uit de lucht te vallen en is het niet meer droog geworden. Dios castiga. Het stortregent nu al bijna 72 uur onafgebroken. De eerste lek in huis is een feit en vanmorgen gleed in Mas d’en Gall de eerste auto van de baan. De weg naar de urbanización is nog maar een paar jaar oud en uitgegraven op een berghelling. De hopen overtollige aarde zijn gewoon naast het beton blijven liggen en spoelen bij elke bui een beetje verder weg, de weg bezaaiend met gevaarlijke zwerfstenen en glibberige modder. Wie zijn band lek rijdt op zo’n steen loopt het risico in de afgrond te belanden. Met uitzicht op Montserrat, dat wel.

De uitgedroogde grond is steenhard geworden na een zomer vol Spaanse zon en kan die plotse zondvloed niet slikken. UIteraard heeft niemand de moeite genomen om de rioolputjes open te houden zodat die nu verstopt zitten met twijgjes en takjes, hondestront en kattehaar en dus verder ook geen soelaas kunnen bieden. Overal staan enkeldiepe plassen en kleine rivieren stromen door de straten. Wie aan de voet van de heuvel woont kan hozen.

Estrellita hupt nerveus van de ene poot op de andere want ze heeft een broertje dood aan regen. Nog sneller dan anders trippelt ze door de straten naar huis om zich daar in haar mandje voor de kachel te nestelen. Hoort ze buiten de katten van de buren lawaai maken, dan wil ze nog wel eens met veel geblaf richting deur stuiven maar bij de eerste druppels op haar pels wordt het sprintje een sukkeldrafje en een u-turn richting warme kachel. Dat heeft ze van haar bazinnetje. Die wankelend op haar hoge hakken van het ene naar het andere droge plekje springt, proberend de plassen te ontwijken, onderwijl foeterend op dat kutweer en dat kutland. Tot de zon weer doorbreekt. En dat duurt in Spanje gelukkig nooit ál te lang.

Getagged , ,